U bent hier

samenvatting2

Samenvatting bij preek over HC Zondag 2

Inleiding

We maken een begin met hoofdstuk 1. Titel: van des mensen ellende.
Jongens en meisjes: hoe zat dat ook alweer met de kleur hierbij?
Ellendekennis is nodig. Maar hoe komt die in mijn leven?

Thema en verdeling
‘Door de wet van God ken ik mijn ellende’
1.            Om welke wet het gaat;
2.            Wat die wet van mij eist;
3.            Wat die wet bij mij blootlegt.

1.            Om welke wet het gaat
Onze samenleving heeft wetten nodig. Anders wordt ‘t een chaos in het land. Als je de wet overtreedt, kun je een boete krijgen of straf. Toch zijn burgerlijke wetten niet het middel waardoor een mens zijn ellende leert kennen. Daarvoor is een andere wet nodig: de wet van God (Rom. 3:20).

Hoe zit dat dan? Het gebod van God is heilig, rechtvaardig en goed. Gods Wet is een zuiver richtsnoer. Een volmaakte wet uit de hand van een volmaakte God. De wet heeft een heel positieve klankkleur in het Oude Testament. Denk maar aan Psalm 119. Het gaat om de torah (de onderwijzing in de weg ten leven). Dat brengt ons bij het doel van de wet: namelijk dat Zijn volk in gemeenschap / in verbondenheid met Hem leeft.

Dat klinkt tot nu toe allemaal heel positief. Klopt het antwoord op vraag 3 wel?! Ja zeker…Met de wet is niets mis (beter gezegd: die is volmaakt), maar met ons is wel iets mis. En dan komen we bij Romeinen 7: 7-13. Wat staat er in dat Schriftgedeelte? Papa en mama hebben een regel, en jij gaat expres tegen die regel in. De (goede) regels van je ouders, prikkelen jou om ertegenin te gaan.

Wat een ellende. God komt tot ons met Zijn volmaakte wet en wij zijn zó diep gevallen dat die wet bij ons de begeerte om te zondigen oproept. Nog één keer: de wet is heilig, rechtvaardig en goed. Maar ik? ‘Ik ben vleselijk komma (!) verkocht onder zonde.’

2.            Wat die wet van mij eist
Wat de wet eist, is geen ongehoorzaamheid. En zelfs niet enkel uiterlijke gehoorzaamheid. Maar liefde. Een heel diepe eis dus. Deze eis heeft Christus ons geleerd (‘Dat leert ons Christus in een hoofdsom’). Christus in Zijn profetisch ambt. Een leraar die niet alleen voorhoudt, maar ook voorleeft. Verwijzing naar Psalm 40.

De eis van de liefde: dat heeft met het hart te maken. Voorbeeld voor de kinderen: wanneer heb je je ouders lief? Als je alles doet wat ze  vragen, maar ze nooit een knuffel wil geven? Dan is er iets niet in de haak.

God is liefde en daarom is de liefde de vervulling van de wet. Het hart: regiekamer van je bestaan. Ziel: het ‘levensgeheim’. Je verstand: dat is je denken. Nu met dat alles vraagt de Heere ons Hem lief te hebben.

Naast de lijn naar boven is er de lijn naar de naaste (‘en uw naaste als uzelf’). Luisteren we weer naar de Heere Jezus en neemt u het ter harte: ‘Alle dingen dan, die gij wilt, dat u de mensen zouden doen, doet gij hun ook alzo; want dat is de wet en de profeten.’

Twee geboden. Niet één weglaten dus. Beeld van een schilderij dat aan twee draden aan een spijker hangt. Altijd in samenhang.

Let wel: niet elke vorm van liefde is liefde zoals God die bedoelt. Liefhebben betekent concreet zijn geboden bewaren.

Maar dan nu de overstap naar vraag en antwoord 5. Kunt u dit alles volkomen volhouden?

3.            Wat die wet bij mij blootlegt
Maar hoe is het bij ons van nature? We hebben niet lief, maar we haten. Zowel God als onze naaste. Dus exact het tegenovergestelde van wat de Heere van ons vraagt.

Dit antwoord strijdt met de moderne opvatting over de goedheid van de mens. Alleen door gebrekkige omstandigheden, komt de mens tot slechte daden. In zichzelf is de mens echter goed. Naar welke stem luisteren wij? Zullen we de Heere het maar Zelf laten zeggen hoe het is? Zie Gen. 6:5 en Gen 8:21. Van nature (dat wil zeggen: vanuit onszelf) keren wij ons af van God en de naaste.

Dat komt er niet altijd helemaal uit. Er staat: geneigd. Er is zoiets als weerhoudende genade. Je kunt het beeld van een vulkaan gebruiken. Het vuur zit er in, maar komt er niet altijd uit. Het gaat er echter om dat het vuur er wel in zit. En dat is ook niet goed. Kijk uit met gedachtegang: als je maar niet zondigt door je daden, dan is er niets aan de hand. De Heere ziet het hart aan. Denk maar eens aan wat Christus over het aanzien van een vrouw zei om haar te begeren. Dan heb je al overspel in je hart gepleegd.

We moeten er aan ontdekt worden dat er bij ons vanbinnen ‘lava en vuur’ zit. Daarvoor gebruikt God Zijn heilige wet. Je begint er iets van in te zien / te beleven dat het niet wederom geboren hart een verkeerde neiging heeft. Hebben we in de spiegel gekeken? Weglopen of buigen?

Vragen om over door te praten en/of voor persoonlijke bezinning
1.            Waarom benadrukt Paulus in Rom. 7 zo duidelijk dat de wet ‘heilig, rechtvaardig en goed’ is? Waarom       is dat ook voor vandaag uiterst belangrijk te blijven benadrukken?

2.            Kunt u uitleggen waarom Rom. 7: 7-13 een heel diepe aanklacht is tegen onszelf? Met andere       woorden: waarom dit gedeelte echt peilt ‘hoe groot mijn zonde en ellende is’?

3.            Weet u iets over de ‘geschiedenis’ van Rom. 7:14? Het gaat om de komma tussen vleselijk en         geestelijk…U kunt dr. H.F. Kohlbrugge er eens op naslaan (een eenvoudige zoekopdracht op het   internet levert ook al heel veel op).

4.            Waarom moeten we als we het hebben over ‘liefde’ denken vanuit God en niet vanuit de mens? Wat           kan er anders mis gaan?

5.            Wat vindt u van het antwoord op vraag 5? Wat doet dat met u/jou? Praat daar eens met elkaar over          door.

Voor de kinderen
1.            Kun je in eigen woorden uitleggen waarom ik het in de preek over een vulkaan had? Wat probeerde ik        daarmee uit te leggen?
2.            Heb je dat wel eens, dat je expres niet luistert naar wat je papa of mama tegen je gezegd hebben? Hoe        komt het dat het soms zo moeilijk is om te luisteren?

Aanstaande zondag

 

D.V. zondag 2 oktober gaat ons in beide diensten voor

ds S.M. Buth

De diensten beginnen om 10.00 uur en 15.00 uur.

Er is oppas voor de kleintjes in de crèche