U bent hier

Meditatie Mei

Deze allen waren eendrachtig volhardende in het bidden en smeken.

                                                                                             ( Handelingen 1 : 14a)

De Heere Jezus heeft in een diepe weg het werk volbracht door de Vader Hem opgedragen. Voor allen die Zijn verschijning lief kregen werd de hellepoort toegesloten en de hemelpoort ontsloten. Dit werk geschiedde vóór hen, maar ook zónder hen! Hij alleen kon dat doen. De Zijnen lagen machteloos gebonden. Na Zijn opstanding  uit de doden deelt Hij hun de verworven schatten uit. Aan armen, nooddruftigen, dwazen en bekommerden. Zijn werk wordt in de harten toegepast. Hetgeen Hij voorwerpelijk tot stand bracht moet onderwerpelijk het deel worden van de mens. En wie doet dat? Moet de mens dat doen? Komt nu dat misschien voor rekening van de zondaar? O nee, ook dat moet de verhoogde Christus doen. En dat doet Hij door Zijn Geest! Daarvan heeft Hij dikwijls gesproken: “De Trooster, de Heilige Geest, Welke de Vader zenden zal in Mijn Naam, Die zal u alles leren en zal u indachtig maken alles wat Ik u gezegd heb”. En nog eens: “De Heilige Geest zal Mij verheerlijken, want Hij zal het uit het Mijne nemen en zal het u verkondigen”. Zie Johannes 14, 15 en 16. Wat een heerlijke belofte! Welk een troostbron voor hen die hongeren en dorsten naar Zijn gerechtigheid en Zijn kennis! O, zij die bekommerd zijn vanwege hun zonde, die hunkeren naar het Leven in Christus en uitzien naar Zijn onderwijs, wees toch werkzaam met deze belofte! Maar ook zij, die in zichzelf niets dan dodigheid en schuld ontdekken, die van nature geen zin hebben om de Heere te vrezen, ook u hebt die Geest zo nodig. We zien in onze tekst een uitziende, heilbegerige schare. Biddende en smekende om de vervulling van Christus' belofte. Zou Hij het zeggen en niet doen, spreken en niet bestendig maken?Waar vinden we hen? In Jeruzalem. Dáár konden ze de Heilige Geest ontvangen.  Dáár zou het gebeuren!. Stellen wij ons ook in de weg der middelen? Zoeken wij het dáár waar het te vinden is? En hoe vinden wij deze discipelkring? Biddend en smekend. Kijk dat is echt. In het Koninkrijk der hemelen is geen sprake van automatisme. Zo in de geest van: het zal toch wel komen. Of: het zal toch wel niet komen, het is niet voor mij! Nee zij waren biddende en smekende. Dat tekent hun nood. Dat tekent ook hun besef om deze gave nu uit genade te moeten ontvangen. Want als er één ding gebeurd is, is dat de gave van Gods Geest. Die een mens wederbaart, vernieuwt, zalig maakt en straks Thuis brengt. Het is een onverdiende Gave, zoals alles onverdiend uit genade ons toekomt. Waar halen ze hun vrijmoedigheid vandaan om nochtans in hun bidden en smeken te volharden? Die vrijmoedigheid ontvangen ze aan het van Christus gegeven Woord. Ze steunen op Zijn belofte. Zalig die het leren en volharden. Zo zeker als het voor hen Pinksteren werd, zo zeker zal het voor een ieder Pinksteren worden die de Heere blijven vastklampen aan Zijn Woord. Ze waren eendrachtig in hun gebed. Dat betekent: een ieder had die Geest nu nodig. De vurige Petrus, de rustige Johannes, de zwaarmoedige Thomas. Niemand kon zonder. Ook wij niet. Zonder de werking van de Geest blijven we dood in zonden en misdaden. Ook na ontvangen genade is het dor en dodig als die Geest niet in de raderen is. Zij het uw en mijn gebed. Och, schonk Gij mij de hulp van Uwen Geest, mocht die mij op mijn paân ten Leidsman strekken.                                   

                                               Ds. K. Hoefnagel   

Aanstaande zondag

 

 

D.V. zondag 1 augustus hoopt ds W. van Benthem ons voor te gaan

in beide diensten. Er is oppas in de crèche voor de kleintjes.