U bent hier

HC16

Samenvatting bij preek over HC Zondag 16 vrg. & antw. 40 t/m 43
Met als Schriftlezing: Romeinen 6: 1-14 en 20-23

Inleiding
In deze preek staan twee trappen van vernedering centraal: de dood van Christus en de begrafenis van Christus.

Thema en verdeling
Jezus Christus, Die gestorven en begraven is
1. Christus’ dood en de betaling van onze zonden
2. Christus’ dood en onze doorgang naar het eeuwige leven
3. Christus’ dood en de verandering van ons huidig leven

1. Christus’ dood en de betaling van onze zonden
Om drie uur ’s middags op Goede Vrijdag stierf de Zaligmaker. Waarom moest Hij stérven? Had het bij het kruislijden niet kunnen blijven? Nee, Zijn dood móest volgen. Verwijzing naar Joh. 12:24 (het stervende tarwegraan). Zonder Zijn sterven, is er geen vrucht. ‘Er kon niet anders voor onze zonden betaald worden, dan door de dood van de Zoon van God.’

Maar waaróm toch alleen door Zijn dóód? Dat heeft met twee eigenschappen (deugden) van God te maken.
-              De eerste: de gerechtigheid van God. Verwijzing naar Gen. 2:17 (‘ten dage als gij…..’). Het     rechtvaardig loon op de zonde is de dood (Rom. 6:24).
-              De tweede: de waarheid van God. God gaat niet terug achter Zijn eigen woord. Wat Hij           gezegd heeft is wáár (namelijk: de zondaar moet sterven).

Vanwege de gerechtigheid én de waarheid van God, kunnen zondaren (dus) alleen gered worden door een plaatsvervangend offer: de dood van de Zoon des mensen, Gods eígen Zoon. Gods recht en Gods liefde ontmoeten elkaar in het kruis (daarom zongen we Ps. 85:4). Hoe verhouden wíj ons tot het kruis?

2. Christus’ dood en onze doorgang naar het eeuwige leven
Waarom is Hij begraven? Het feitelijke verslag van Zijn begrafenis komen we tegen in de Evangeliën. De HC is hier heel feitelijk. Maar de feiten zijn heel belangrijk! Zijn begrafenis wijst er op dat Jezus echt gestorven is. Wat belangrijk! Want: als Christus niet écht gestorven was, dan was er geen afbetaling van de zonde geweest…

Om iedere vorm van onzekerheid over Zijn dood de pas af te snijden, moest Christus in het graf worden gelegd.

Maar er is méér te zeggen. En dat koppelen we aan vrg. & antw. 42.
   Zijn begrafenis is een diepe vernedering geweest. Dieper kan de Heiland (Die het leven in Zichzelf heeft) toch niet afdalen? Hij ligt (ontzield) in de plek van de dood: het graf. Graven zijn er omdat door de zonde de dood in de wereld is gekomen. En daar ligt nu de Heiland…
   En wat een troost voor Zijn Kerk! Hij is ontvangen in Maria’s moederschoot (‘t prilste begin) en Hij eindigt waar ieder mens eindigt, in het graf (‘t bittere eind). Geen stukje van ons verzondigd leven staat buiten het bereik van Gods Zoon! Gemeente, dát is Evangelie!

Voor de gelovigen geldt: onze dood is geen afbetaling, maar een doorgang tot het eeuwige leven. Leven wij door het geloof?

Kinderen (en ook volwassenen) kunnen bang zijn voor de dood, voor het oordeel van God. Mag het ons troosten dat Christus al in de dood geweest is? Hij heeft het oordeel weggedragen. Alleen het Evangelie geeft troost.

Bij het sterven van Gods kind is er een afsterving van de zonde en doorgang tot het eeuwige leven. Aan deze kant van het graf vaak strijd en aanvechting. Maar daarin mogen we het iedere keer weer van Hém verwachten.

Kort aandacht voor: begraven of cremeren?
 

3. Christus’ dood en de verandering van ons huidig leven
Vraag 43 verlegt het perspectief naar ons huidige leven. Het gaat hier over onze heiligmaking. Om verandering. En dat door Zijn dood. Hoe kan dat? De oude mens ís met Hem gekruisigd. Hoe ziet de Heere de gelovigen aan? Als ongezuurde broden, als een nieuw deeg.

Praktijk: de oude mens lijkt wel springlevend! Zie Romeinen 7. Een kenmerk van genade is: verdriet over de zonden. Een haten en vluchten voor de zonde. Je gaat haten wat God haat (de zonde!).

De Heere wil het nieuwe leven uitwerken in ons leven. Ja zó, dat de boze lusten niet meer in ons leven regeren. De Heere verandert mensen. En dat ga je merken ook! Het grote doel dat de Heere voor ogen heeft: ‘dat wij onszelf Hem tot een offerande van dankbaarheid opofferen’.

Hoe verhouden we ons tot de dood en het bloed van Christus? Amos zegt: ‘Zoek de Heere en leef!’

Vragen om over door te praten en/of voor persoonlijke bezinning

  1. Wat zegt het over ons dat Christus moest sterven om voor onze zonden te betalen?
  2. Waarom is het kruis het ‘brandpunt’ van Gods heilige liefde? Welke eigenschappen van God ontmoeten elkaar in het kruis?
  3. Zoek 2 Petr. 1:16 op. Wat heeft die tekst met (o.a.) vrg. & antw. 41 te maken?
  4. Hoe gaat u om met de uitnodiging om een crematie bij te wonen? 
  5. Vergelijk het eerste stukje van vrg. & antw. 43 met het eerste stukje van Rom. 6:6. Valt je een verschil op? Waarom is (uiteraard) Rom. 6:6 waar, maar óók wat er in het eerste stukje van het antw. staat?

Voor de kinderen

  1. Ben je wel eens bang om te sterven? Wat doe je dan?
  2. Wie kan ons dan échte troost geven? Waarom is dat zo?

 

Aanstaande zondag

 

D.V. zondag 2 oktober gaat ons in beide diensten voor

ds S.M. Buth

De diensten beginnen om 10.00 uur en 15.00 uur.

Er is oppas voor de kleintjes in de crèche