U bent hier

HC10

Samenvatting bij preek over HC Zondag 10
Met als Schriftlezing: Genesis 45: 1-13

Inleiding
Twee uitspraken die je vaak hoort: ‘dat is ook toevallig!’ Maar ook: ‘het heeft zo moeten zijn.’ Zondag 10 reikt ons heel andere taal aan…

Thema en verdeling
‘God voorziet!’
1. Wat dit betekent
2. Waartoe ons dit dient

1. Wat dit betekent
Het begrip voorzienigheid niet los van God gebruiken. Dan wordt het iets als ‘de Voorzienigheid’. Er staat echter: de voorzienigheid van God. Dat betekent veel méér dan dat God vooruitziet. Het betekent vooral dit: Hij voorziét.

Zo onderhoudt en regeert Hij hemel en aarde, alsook alle schepselen. Vrg & antw. 27 hebben voornamelijk betrekking op Gods onderhouding. Hij schiep niet alle dingen om er daarna Zijn handen van af te trekken. Integendeel: Hij draagt ieder moment zorg voor Zijn schepping en schepselen. Uit de onderhouding van alle dingen kun je Gods almacht afleiden (Psalm 19 en Rom. 1:20).  

Zijn schepselen worden door Hem onderhouden. In de preek richt ik me op de mensen, maar het geldt ook voor het dierenrijk. Alle dingen die genoemd worden in antw. 27 zijn geen product van toeval, maar komen ons toe van Zijn Vaderlijke hand (dat geldt alle mensen: rechtvaardigen en onrechtvaardigen, etc…).

Maar wie gelooft het? Wie ziet het? We zijn zo geseculariseerd. Maar bij die het zien en geloven, komt afhankelijkheid. Ook gewilligheid om zich door Zijn hand te laten leiden. Er komt ook vertrouwen. Dan gaan we aan Zijn hand…en dat is ons genoeg.

Hoe is het met de invloed van de mens? Doen onze handelingen er toe? Ja, die doen ertoe. De mens is geschapen als een verantwoordelijk schepsel. Rentmeesters. Dat betreft de omgang met Gods schepping. Dat betreft armoede-problematiek. Dat geldt hoe wij voor ons lichaam zorgen (we kunnen immers ziek worden door een ongezonde leefstijl).

 

2. Waartoe ons dit dient
Hebben wij geleerd te bedelen om genade uit Zijn hand? Hij zal Zijn hand tot de kleinen wenden en de Herder werd geslagen (Zach. 13).

Het antwoord op vraag 28 noemt drie zaken: 1. in tegenspoed geduldig zijn, 2. in voorspoed dankbaar zijn en 3. in alles dat ons nog toekomen kan een goed toevoorzicht (= vertrouwen) hebben op onze getrouwe God en Vader.

Bij 1. Geduldig zijn. God leert het ons te dragen. Dat kan een hele les zijn. God leert het ons dwars door onze gevoelens en emoties heen. Hij heiligt die. De hoop op God wordt beoefend. De hoop beschaamt niet.

Bij 2. In voorspoed dankbaar. ‘Ik ben dankbaar dat…’, maar wie krijgt die dank? De dankbaarheid moet geadresseerd zijn. Christelijke dankbaarheid is dankbaarheid aan God. ‘Heere, dat U nog zo goed voor mij bent’. Het wordt een wonder.
Wat is moeilijker: het eerste of het tweede? Voor beide hebben we genade nodig. Om de les te leren in ons leven moet antwoord 27 waarlijk geloofd worden. Dan volgt de inhoud van antwoord 28 ook in de beleving.

Bij 3. Het gaat niet alleen om tegen- en voorspoed, maar vooral om vertrouwen voor het toekomende. Hoe het ook zal gaan: maar dit blíjft staan ‘geen schepsel zal ons scheiden van de liefde Gods’. Want alle schepselen zijn in Zijn hand. God voorziet in het behoud van de Zijnen / Zijn volk:

Drie voorbeelden uit Gods Woord:

  • De broers die bij Jozef komen in Egypte. Jozef zegt: ‘Maar God heeft mij voor ulieder aangezicht heengezonden, om u een overblijfsel te stellen op de aarde, en om u bij het leven te behouden door een grote verlossing’ (Gen. 45:7). En vooral ook Gen 50:20.
  • Koning Ahasveros, de verhoging van Mordechai en de vernedering van Haman. Gods volk bleef in leven (Esther 6).
  • Hij voorziet in een offer op de berg Moria en Izak mag blijven leven (Gen. 22).

‘Op de berg des HEEREN zal het voorzien worden’: dit krijgt een diepe vervulling in het offer dat Gods Zoon brengt op Golgotha. God heeft voorzien (in Zijn eeuwige raad!) in het offer van Zijn Kind Jezus. Hebben wij ons leven aan dit Lam toevertrouwd? Dan ben je hemels verzekerd op kosten van het Lam waarin God voorzag.

Vragen om over door te praten en/of voor persoonlijke bezinning

  1. Waarin merkt u Gods onderhouding in het leven van iedere dag op?
  2. Welke redenen kunt u aandragen voor het sterk verminderde geloof in Gods onderhouding?
  3. Als het gaat om onze handelingen: vindt u dat daarvoor in de geref. gezindte voldoende aandacht is? Waarom wel / niet? Wat verklaart mogelijk de terughoudendheid?
  4. ‘In tegenspoed geduldig, in voorspoed dankbaar’: herkent u dat in uw leven? Of vindt u het moeilijk? Hoe komt dat?
  5. Bedenk (en lees) nog eens enkele gedeelten uit de Bijbel waarin ‘de voorzienigheid Gods’ zichtbaar wordt.
  6. Welke troost biedt het u dat de HEERE van eeuwigheid voorzien heeft in hét Lam?

Voor de kinderen

  1. Hoe zorgt de HEERE voor jou?
  2. Waarom is het voor jou een troost dat God alles in Zijn hand heeft?

 

 

Aanstaande zondag

 

D.V. zondag 2 oktober gaat ons in beide diensten voor

ds S.M. Buth

De diensten beginnen om 10.00 uur en 15.00 uur.

Er is oppas voor de kleintjes in de crèche